Home





English





Workshops





Teksten/

Artikelen





Contact





Naud van der Ven

Klik
                      hier voor blogberichten


  
 

Verbinding, dat lijkt iedereen te willen.

Maar zijn we daar wel toe in staat?

(Interview door Peter Henk Steenhuis, gepubliceerd in Trouw / de Verdieping / 24 januari 2026)




Filosoof Naud van der Ven hoort alom de roep om verbinding. Maar of dat streven wel zo zuiver is? ‘Dat warme gevoel van verbondenheid kan gevaarlijk zijn.’

In een tijd waarin psychiaters, opiniemakers en coaches massaal oproepen tot ‘verbinding’, plaatst filosoof Naud van der Ven daar een kritische kanttekening bij. “Het woord is leeg geworden”, zegt hij. “Iedereen gebruikt het, van commerciële partijen tot publiekspsychiaters in oudejaarsbijlagen, waarin ze vertellen over hun wachtkamers, die zo vol zitten.”

“Zo zei psychiater Dirk de Wachter op 24 december in Trouw: “Laten we nadenkend zijn, geduldig, en altijd opnieuw de verbinding zoeken.” Als ik zoiets lees, vraag ik me af: wat bedoelen ze eigenlijk? Moeten we terug naar de nostalgie van dorpsgemeenschappen en zuilen? Daar wilden we toch juist uit?”


‘Verbinding’ klinkt geruststellend, maar blijft vaag


Van der Ven, die van 1990 tot 2019 als adviseur bedrijfsprocessen bij de gemeente Amsterdam werkte, stelt dat het begrip ‘verbinding’ aan inflatie onderhevig is. “Het klinkt geruststellend, maar blijft vaag zolang niemand uitlegt hoe die verbinding eruit moet zien.”

“De roep om verbinding miskent dat we met z’n allen een richting ingeslagen zijn met meer aandacht voor individualiteit en eigenheid van mensen. Dat zijn ook positieve waarden. Als je verbinding opnieuw wilt laden met betekenis, moet die individualiteit daarin meewegen. Dat gebeurt nu niet.”

Zijn alternatief? Een ongemakkelijk woord: scheiding. “De Frans-Joodse filosoof Emmanuel Levinas leert ons dat er primair een kloof bestaat tussen mensen. Dat wil niet zeggen dat er geen relatie mogelijk is, maar dat die relatie alleen inhoudsvol kan zijn als je ook de eigenheid van mensen respecteert.”


Los van elkaar opererende mensen die bij de psychiater belanden


Het woord ‘scheiding’ klinkt kil, geeft Van der Ven toe. “Het bekt voor geen meter. Het voelt alsof we weer die elementaire deeltjes worden, los van elkaar opererende mensen, die uiteindelijk eenzaam bij de psychiater terechtkomen. En als Dirk de Wachter dan zo oproept tot verbinding, krijg je daar een warm gevoel bij.”

Volgens Van der Ven is dat warme gevoel te gemakkelijk. “Er is iets in de samenleving veranderd, wat in nieuwe concepten een rol moet krijgen. Degenen die graag praten over verbinding kijken het beest van de individualisering niet voldoende in de bek.”


Diepe voldoening


Wat is er dan mis met verbinding? Van der Ven wijst op een filosofische legitimatie die vaak wordt aangevoerd: de Duitse filosoof Immanuel Kant (1724-1804). “Kant stelt dat mensen voor elkaar ‘mededeelbaar’ zijn, dat we een zintuig hebben dat ons voor elkaar verstaanbaar maakt.”

“Dat gemeenschappelijke zintuig is de grond voor alle verbinding tussen mensen, en daarbij hoort een expliciet uitgesproken collectieve ervaring. Die ervaring geeft ons een diepe voldoening, Kant gebruikt daarvoor zelfs het woord ‘lust’. En die lust heeft volgens Kant alles te maken met het gegeven dat in groeiende gemeenschappelijkheid ook de bestemming van de mens gelegen is.”

Maar Van der Ven ziet een gevaar in die lust. “Dat warme gevoel van verbondenheid kan gevaarlijk zijn. Het zorgt voor wat ik noem jumping to connection. Ik heb die term gemunt naar analogie van jumping to conclusion, wat duidt op een voortijdig afronden van een gesprek via een simplistische, emotioneel bevredigende conclusie.”


Wezenlijke verschillen tussen mensen


Jumping to connection is volgens Van der Ven een voortijdige omarming van het gemeenschappelijke, vanwege de warmte en het bestemmingsgevoel die daarbij horen. “Het gevaarlijke daarvan is dat wezenlijke verschillen die er tussen mensen bestaan niet in veilige handen zijn.”

“Het mechanisme is bijvoorbeeld werkzaam in massabewegingen. In de Rode Lijn-demonstratie in oktober – waar veel oprechte bezorgdheid over de toestand in Gaza te zien was – dook ook vaak de leus op: ‘Wij zijn met meer’. Ik vind dat een dubieuze slogan. Hij zal bedoeld zijn om te zeggen dat het kabinet-Schoof in zijn Israël-politiek niet hét Nederlandse volk vertegenwoordigt, maar slechts een minderheidsdeel daarvan. Maar de kreet kan ook uitgelegd worden als: wíj zijn de meerderheid en de minderheid moet zijn mond houden.”


‘In West-Europa is de weg van verbinding doodgelopen’


Verbinden is niet zo onschuldig als we denken. “Vaak impliceert het: wij weten wat goed is voor een ander. Dat gevoel speelt een belangrijke rol bij de euforie die het idee van verbinding ondersteunt. Maar wat gebeurt er met de anderen, die zich niet verbonden weten? Het gevaar van verbinding zit in het potentieel uitsluitende karakter van degene met wie je niet verbonden bent. Minderheden bijvoorbeeld, of psychiatrisch patiënten.”

“Ik vertel een West-Europees verhaal, waarbij de weg van de verbinding is doodgelopen. Via ‘scheiding’ zoek ik een mogelijkheid om het begrip ‘verbinding’ opnieuw te laden. Levinas helpt mij daarbij doordat hij radicale andersheid centraal zet.”

Levinas stelt dat er in eerste instantie niets is, geen soort van relatie met anderen. “Ik kan me nog zo empathisch opstellen, nog zo hard mijn best doen de ander te begrijpen, maar dan opent de ander zijn mond, en dan… dan sta ik versteld van wat hij zegt. Dan word ik verrast door de andersheid die de ander vertegenwoordigt.”

Dat is een ontnuchterende ervaring. “Want we willen allemaal zo graag via beleefdheid contact maken, weten wat er in de ander omgaat. En er is hier dus in feite vooral bescheidenheid vereist. Onze vaardigheden de ander te begrijpen zijn onvoldoende. Wij zijn principieel gescheiden van de ander. Dit besef voorkomt jumping to connection, voorkomt dat we te graag de ander denken te begrijpen, en vervolgens enthousiast de ander inpalmen.”


Denkschaamte


Hoe bereik je die bescheidenheid? Via wat Van der Ven ‘denkschaamte’ noemt: het moment waarop je ontdekt dat je met je goede bedoelingen over de grens van een ander bent gegaan. “Dat kan pijnlijk zijn, maar het opent ruimte voor verandering. Overigens is denkschaamte niet maakbaar, maar als je erop let overkomt het je regelmatig.”

Van der Ven geeft een voorbeeld dat alle ingrediënten van denkschaamte bevat: schrijfster Naema Tahir, van Pakistaanse afkomst, in Engeland geboren en getrouwd met een Nederlandse man, hield zich vanaf 2001 intensief bezig met het islamdebat in Nederland.

Van der Ven: “In 2008 besloot ze dat het debat anders moest: met meer humor. Ze schreef Groenkapje, een bundel sprookjes over moslims in een fictieve multiculturele samenleving, met titels als ‘Groenkapje en de bekeerde wolf’ en ‘De slapende maagd’. Haar idee: als je om jezelf en de ander kunt lachen, is de toenadering al begonnen.”

Tahir liet het boek voorlezen op een verjaardagsfeest van Surinaams-Nederlandse moslims. “Ze verwachtte amusement, maar kreeg verontwaardiging. ‘De christenen hadden toch ook Life of Brian doorstaan,’ dacht ze, ‘en Jesus Christ Superstar? Ik heb het recht aan mijn zijde.’ Toch overheerste schaamte. Ze herschreef delen, veranderde namen, en besefte dat haar vanzelfsprekende idee niet voor iedereen positief was. Het kostte haar duizenden euro’s, want het boek was al bijna gedrukt.”


Een vruchtbaar moment


Volgens Van der Ven is dat denkschaamte in actie. “Je realiseert je dat je enthousiasme iemand kwetst. Dat besef maakt nieuw contact mogelijk. Ondanks de negatieve associaties die je bij het woord ‘schaamte’ kunt hebben, heeft denkschaamte voor mij geen negatieve lading. Het is een vruchtbaar moment. Het duurt maar kort, maar zet je op een totaal ander been.”

Die ontdekking kan gelden voor de arts die zich te veel vereenzelvigt met de patiënt, de ouder die soms te nadrukkelijk denkt te weten wat goed is voor het kind, of de manager die zich enthousiast opdringt aan medewerkers. Overal maken mensen zich schuldig aan jumping to connection. “Als die denkschaamte optreedt, ontdek je in een split second dat je over de grens van een ander bent heengegaan: ‘Sorry’. Die verontschuldiging maakt nieuw contact mogelijk.”

Wat is daarvoor vereist? “Er moet iets van verdriet of boosheid of gekwetstheid bij de ander zichtbaar zijn. Want anders krijg jij het signaal niet terug. Maar als je dat signaal ontvangt, en jij reageert erop doordat je je bewust bent van de principiële scheiding van de ander, ontstaat er een constructief moment. Dat kan het begin worden van echt contact, het begin van echte verbinding.”


Naud van der Ven: Genoeg verbinding. Waarom scheiding zo gek nog niet is; Antwerpen, Gompel&Svacina Uitgevers; €27,50.